Amsterdam de Pijp

Amsterdam de Pijp

In Parijs is Quartier Latin de meest bruisende wijk van de stad, in Amsterdam is dat de Pijp. Met de vele restaurants en cafés, de Albert Cuypmarkt, het romantische Sarphatipark en onalledaagse winkels, is de Pijp een wijk die je niet mag missen!  

De Pijp is het culinaire paradijs van Amsterdam. Bij de Taart van mijn Tante begint een smakelijke route door de volksbuurt. Op de hoek van de Ferdinand Bolstraat en de 1e Jacob van Campenstraat kom je in een kitscherig taartenparadijs terecht. Een droom voor wie van zoet houdt. De bonte tafelkleden, verschillende tweedehands stoelen, en Perzische tapijten geven het café een huiselijke sfeer. Op elke tafel staan uitbundig versierde ‘showtaarten’. In de vitrine staat onder andere een gifgroene ‘Zweedse prinsessentaart, een bitterzoete chocoladetaart en een mangotaart. Jong en oud, bekend en onbekend komen hier voor de originele taarten. De bijbehorende bakkerij om de hoek maakt taarten op bestelling. Een taart in de vorm van een astronaut voor André Kuipers bijvoorbeeld of een bruiloftstaart voor actrice Kim van Kooten. Boven de winkel kun je logeren in een van de hotelkamers. ’s Ochtends ontbijt je natuurlijk met taart.
Na wat zoetigheid geproefd te hebben, loop ik via de 1e Jacob van Campenstraat, linksaf de Frans Halsstraat in, één van de leukste straten van de Pijp. Vanaf een uurtje of zeven stromen de terrassen hier vol.
Aan de rechterkant zit het Japans delicatessenhuis Zen. De Japanse eigenares gebruikt uitsluitend verse ingrediënten. Je eet er sushi met bijvoorbeeld zalm, avocado, shii-take en komkommer, een traditionele ‘misosoep’ of knapperige zeewiersalade. Gezond en erg lekker.   
Iets verderop waan je je in zuid-Italië bij pizzeria Da Portare Via.
Het restaurant is eenvoudig, maar smaakvol ingericht. De roodwitgeblokte tafelkleden, het glimmende espressoapparaat en de prachtige azuurblauwe houtoven maken het echt Italiaans. Bij deze Italiaan is het de bedoeling dat je helemaal tot rust komt, daarom is er geen telefoon en kun je dus niet reserveren.
Als je meer van Spaanse tapas houdt is Más Tapas een goede keus, iets verderop in de straat. In deze sfeervolle tapasbar vol Marokkaanse blauwe mozaïktegels is het elke avond druk. Buiten staan gekleurde houten stoelen en tafeltjes, en waan je je op een warme dag in de Frans Halsstraat eigenlijk in zuid Frankrijk.
Tegenover het trapasrestaurant zit Senses, een bijzondere combinatie van een galerie en een restaurantje. De jonge eigenares Irina komt uit Macedonië en heeft een passie voor alles wat mooi is. “Ik heb gewoon een goede smaak,” verklaart ze. De producten van jonge, succesvolle ontwerpers variëren van een handtas van spons tot ragfijn kanten ondergoed, een minimalistische ligbank en robuuste schalen met gouden binnenkant. Temidden van de ontwerpen kun je genieten van goede koffie of huisgemaakte tiramisu.  
Aan het einde van de straat sla ik linksaf de Albert Cuypstraat in. Aan de overkant van de straat zit één van beste en oudste Turkse eethuisjes van de stad: Kismet. Kismet betekent geluk en is een fijn restaurantje vol met Turkse lekkernijen. De gevulde aubergines met lamsgehakt, aardappeltjes uit de oven, baklava, alles is hier even smakelijk. De vriendelijke eigenaar Atilla heeft het druk, de zaak is erg populair onder Pijpbewoners.

De Albert Cuypmarkt
Aan het einde van de Albert Cuypstraat kom je uit bij de bekendste markt van Nederland: de Albert Cuypmarkt. Op deze markt kom je terecht in een kleurrijke, levendige mensenmassa. Klanken van reggaemuziek, Amsterdamse levensliederen, Arabisch gezang en optredens van straatmuzikanten wisselen elkaar af. Veel kramen op deze honderd jaar oude markt staan hier al vanaf het begin. De haringman, de Hollandse zuurkraam en de verse stroopwafelkraam bijvoorbeeld. Nu zijn daar veel exotische kramen bijgekomen. Met de ruim 260 kramen vind je hier producten uit alle hoeken van de wereld. Veel winkels achter de kramen zijn zeer de moeite waard. De Peperbol bijvoorbeeld, een stampvolle winkel vol kruiden, theesoorten en keukenattributen.
Halverwege de markt stuit je op de 1e van der Helststraat. Aan je linkerhand vind je bijzondere lampen en meubels bij Interbasics Interieur.
Daar tegenover zit de trendy Chocolate bar. Deze bar is ingericht met jaren zeventig behang, mosterdgele barkrukken en een comfortabele oranje leren bank. De collectie van foto’s en schilderijen komen van kunstenaars die regelmatig in de Chocolate bar komen. Overdag kun je hier goed lunchen en klinkt er soul of funk, maar ’s avonds stroomt de bar pas echt vol. Vanaf de herfst is er op maandagavond filmavond en kun je daarbij voor veertien euro eten.
Je kunt in dezelfde straat ook kiezen voor het grappige Mambo Pasta. In deze kleine Italiaanse keuken wordt verse pasta gemaakt. Het restaurantje staat vol Italiaanse curiosa. Tussen een roze Mariabeeld, barokke schemerlampjes en oude foto’s uit Italië kun je bijvoorbeeld genieten van de aanrader van eigenaar Paul: pasta met rivierkreeftensaus.
Naast Mambo Pasta zit Gallerie Casbah met antieke meubelen en lampen uit Marokko. De lampen, vazen en theeglazen zijn niet goedkoop, maar alles is met de hand beschilderd en gemaakt.
Als je van Surinaams eten houdt kun je volop inslaan op de Albert Cuypmarkt. Daar vind je alle ingrediënten die je nodig hebt: cassava, verse gember, bakbananen, gedroogde vis, kouseband, madame Jeanette pepers, of antroea, bijvoorbeeld. Je kunt natuurlijk ook iets lekkers halen bij Warung Marlon, een Surinaams Javaans eethuisje in de 1e van der Helststraat. Omdat de zon schijnt neem ik mijn baka bana en soato soep mee naar nabijgelegen Sarphatipark.

Het Sarphatipark
Dit romantische park midden in de Pijp ligt aan een indrukwekkende rij negentiende-eeuwse etagewoningen met prachtige balkons en statige voordeuren. Dit park in Engelse stijl met veel vijvers, is ideaal voor een picknick. Het park is vernoemd naar de Joodse arts en stedenbouwer Samuel Sarphati (1813-1866) van wie een standbeeld in het park staat. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het beeld door de Duitsers verwijderd en werd het park het Bollandpark genoemd. In mei 1945 werd dit weer rechtgezet.
Aan het begin van het park staat het Groen Gemaal. In dit oude huisje kunnen buurtbewoners planten, stekken of zaden uit hun tuin of geveltuin komen ruilen of weggeven. Bewoners die hun tuin willen opknappen, kunnen de planten gratis meekrijgen. Dit is een project van vrijwilligers om de straten van de Pijp mooier te maken. Je kunt ook advies krijgen over tuinieren.
Via de andere kant van het park loop ik naar de 1e Jan Steenstraat waar een bijzonder Libanees eethuis zit. Hier eet je traditioneel bereide ‘mezze’, een soort Libanese tapas. Bijvoorbeeld een minipizza met feta, hummus, gegrilde aubergine of zure room met komkommer en mint. De hapjes zijn fris en erg smakelijk. Het restaurant bestaat al dertig jaar en is het eerste Libanese restaurant in Amsterdam. Eigenaar Simon is behalve kok ook gitarist en zanger en houdt enorm van jazz en Braziliaanse muziek. Het restaurant is populair onder muzikanten. Aan de wand hangen foto’s van Libanon. Simon vertelt vol trots over zijn land waar je in de winter kunt skiën (!) en is zichtbaar aangeslagen door de bombardementen door Israël op zijn land.
Iets verder in de straat die overgaat in de 1e Sweelinckstraat zit de Emaillekeizer, een winkel vol prachtige spullen uit Ghana en Senegal. Naast een enorme verzameling emaillen servies met bloemenprints, verkoopt de Emaillekeizer rieten wasmanden en tassen, gevlochten tuinstoelen van gekleurd plastic, sierraden en instrumenten.

André Hazes
Aan het einde van de straat kom je weer uit op de markt, waar een standbeeld staat van één van de beroemdste oud-inwoners van de Pijp: zanger André Hazes. De beroemde volkszanger werd in 1951 geboren in de Gerard Douwestraat in de Pijp. Zijn eerste liedjes zong hij als klein jongetje op de Albert Cuypmarkt, waar hij ontdekt werd. Eind jaren ’70 scoort hij zijn eerste hit met ‘Eenzame Kerst’. Daarna volgen vele hits als: ‘Een beetje verliefd’, ‘De Vlieger’, en ‘Kleine Jongen’. Op 23 september 2004 overleed de zanger. Maar liefst 48.000 mensen namen afscheid van hem in de Amsterdam Arena.
Achter het standbeeld van Hazes zit muziekcentrum de Badcuyp. Het voormalig badhuis is nu een muziekcentrum en restaurant. Temidden van de oude badtegels, die nog in het gebouw zitten, kun je hier luisteren naar live jazz of wereldmuziek. Je kunt hier ook salsalessen volgen of deelnemen aan jamsessies.
Via de markt loop ik weer terug naar de 1e van der Helststraat. Aan de rechterkant  wuiven de jurken je toe van kledingzaak Sjerpetine. In deze propvolle winkel hangen jurken, rokken, sjaals, hoeden en tassen uit Bali, Nepal en Nederland. Hier vind je een vrolijke onderbroek met stippen, gebatikte sjaal, trendy oorbellen of een zwoele zomerjurk voor een goede prijs.
Naast Sjerpetine zit de klompenwinkel Otten en zn met originele oud-Hollandse gele klompen, hippe klompen van leer, met dierenprint, in parelmoer of met hoge hak.
Via het gezellige Gerard Douweplein, met de vele cafés en restaurants, loop ik door naar de Kinderfeestwinkel. De winkel knalt eruit met de vele fel oranje, roze en rode gietertjes, slingers en stoeltjes buiten. Als je iets te vieren hebt, kun je hier alles vinden wat je nodig hebt: handgemaakte slingers van boerenbont, piratenpakken, prinsessenjurken, taartversiersels of verjaardagskaarten. In deze bonte winkel vol speelgoed en slingers kom je vanzelf in een feeststemming.
Tegenover de Kinderfeestwinkel zit Raak, een chique hebbedingenwinkel. Hier koop je elegante pumps, espressokopjes, douchecel in mooie glazen flessen, kookboeken en nog veel meer.
Via de Quellijnstraat kom je op het Marie Heinekenplein waar ik mijn route door de wijk begonnen ben. Op dit moderne plein vol terrassen kun je je tot diep in de nacht in het zweet dansen op de dansvloer van El Cantinero. In deze broeierige Zuid-Amerikaanse bar met oude houten deuren en intieme dansvloer komen de echte salsaliefhebbers van de stad.
Vanaf het Marie Heinekenplein kun je met de tram weer in tien minuten op het centraal station zijn. Je kunt natuurlijk ook nog even een kijkje nemen in de Heineken Brouwerij om de hoek samen met de vele toeristen die daar in de rij staan.
Bij het verlaten van de Pijp lees je aan je rechterhand de woorden: ‘Een volk dat voor tirannen zwicht, zal meer dan lijf en goed verliezen, dan dooft het licht…’ Een monument ter herinnering van de Tweede Wereldoorlog met de tekst van Hendrik Mattheus van Randwijck (1909-1966). Mooie woorden om te onthouden na een middag in één van de leukste buurten van onze hoofdstad.

Praktische info:
De Pijp is makkelijk te bereiken met het openbaar vervoer. Vanaf het Centraal Station Amsterdam neem je tram 16 of 24 en stap je uit bij het Marie Heinekenplein. Vanaf daar is alles goed te lopen.

De Pijp vroeger en nu:

Voor de negentiende eeuw was de Pijp een dun bebouwd stuk polder waar boeren en tuinders woonden. In de weilanden stonden herbergen, buitenverblijven en polderhuisjes. Aan het einde van de negentiende eeuw groeide de bevolking van Amsterdam zo snel, dat stadsuitbreiding hard nodig was. In rap tempo werd de nieuwe wijk de Pijp gebouwd. De naam verwijst waarschijnlijk naar de lange smalle sloten die door de voormalige polder doorsneden en ‘pijpen’ werden genoemd. Een andere theorie is dat de lange smalle straten van de wijk op pijpenlades lijken.
De Pijp groeide uit tot een levendige buurt waar kunstenaars en studenten graag een kamer huurden bij welgestelde ondernemers. Verschillende bekende Nederlandse schrijvers huurden een kamer in de Pijp zoals: Herman Heijermans, Frederik van Eeden en F. Bordewijk.  Nu is de buurt nog steeds populair onder studenten en kunstenaars en schrijvers.
Vanaf het begin van de jaren ’60 vestigden veel immigranten zich in de wijk. Als eerste kwamen de Spaanse gastarbeiders die werkten in de Heineken brouwerij. In de loop van de tijd kwamen daar immigranten uit alle hoeken van wereld bij. Omdat de huizenprijzen inmiddels flink zijn gestegen, komen er steeds meer goedverdienende dertigers naar de wijk en krijgt de wijk nog meer uitgaansgelegenheden. De wijk is altijd al een combinatie geweest van dure hoge herenhuizen en lage goedkopere arbeidershuisjes. Ook zijn er nog een aantal polderhuisjes overgebleven van voor 1900. Dit zorgt voor een interessante variatie aan architectuur.


Reageren is niet mogelijk.
Scroll Up